Kunst Oudheid: Griekse beschaving

Architectuur

Introductie bogen/gewelven: vr stadsmuren, cisternes en graven.

1190 B.C.

Overschakeling stenen bouwwerken: vlechtwerk, hout, vakwerk met leemtegels

1190 B.C.

Dorische bouwstijl; Grieken

700 B.C.

Stoa; in heiligdommen

700 B.C.

Ionische stijl; Grieken

600 B.C.

Stoa vr burgerlijke doeleinden

550 B.C.

Agora; omringd dr stoai

480 B.C.

Theater

480 B.C.

Skènè in steen + paraskènia

400 B.C.

Stoa met commerciële functie

400 B.C.

Korinthische stijl; Grieken

400 B.C.

Ionische Agora (didactisch)(eind 4E)

310 B.C.

Pergameense agora (theatraal)

200 B.C.

Gemengde bouwstijlen; Dorische + Ionische in zelfde gebouw

200 B.C.

Tempels

Heiligdommen worden afgebakend

900 B.C.

Meer heiligdommen binnen nederzetting zelf, 1e Panhelleense heiligdommen

800 B.C.

Eerste tempels als woning godheid; geïsoleerd, monumentaal

750 B.C.

Hekatompeda (eind 8e eeuw)

710 B.C.

Rijkere gebouwen (vnl tempels) nu pas in steen. (<terracottadakpan)

700 B.C.

Dorisch: Zeustempel v Olympia

460 B.C.

Dorisch: Parthenon, Athene

440 B.C.

Ionisch: Athena Niké, Akropolis

425 B.C.

Dorisch: Hephaisteion, Athene

415 B.C.

Ionisch: Erechteion, Akropolis

405 B.C.

Ronde tempels; buitenkant Dorisch, soms Ionisch. Binnen Korinthisch

400 B.C.

Ionisch: Athenatempel, Priëne

350 B.C.

Reliëfkunst

Streng-Arch. stijl

610 B.C. - 570 B.C.

Volle-Arch. stijl

570 B.C. - 530 B.C.

Laat-Arch. stijl

530 B.C - 480 B.C.

Reliëf op vaatwerk

335 B.C.

Periode

Dark Ages

1190 B.C. - 900 B.C.

Sub-Mykeense/Minoïsche periode

1150 B.C. - 1050 B.C.

Proto-Geometrische periode

1050 B.C. - 900 B.C.

Geometrische Periode

900 B.C. - 700 B.C.

Archaïsche Periode

720 B.C. - 480 B.C.

Klassieke Periode

480 B.C. - 335 B.C.

Reuzenaltaren

335 B.C.

Alle tempeltypes in 3 grote bouwstijlen (behalve (pseudo-)dipteros)

335 B.C.

Didactische en theatrale tendens

335 B.C.

Hellenistische Periode

335 B.C. - 30 B.C.

Beeldhouwkunst

Bronsmetallurgie

900 B.C.

Terracottafiguurtjes

900 B.C.

Bronzen beelden; gesmolten was, (in)directe smelttechniek

720 B.C.

Oriëntaliserende / Daedalische stijl

700 B.C. - 610 B.C.

Streng-Arch. stijl

610 B.C. - 570 B.C.

Volle Arch. stijl

570 B.C. - 530 B.C.

Laat Arch. stijl

530 B.C. - 480 B.C.

Samengestelde groepen: naar beweging en eenheid

480 B.C.

Vroeg/Streng

480 B.C. - 450 B.C.

Pheidias v Athene

450 B.C.

Polykleitos v Argos

450 B.C.

Vol

450 B.C. - 425 B.C.

Laat

425 B.C. - 400 B.C.

Lysippos v Sykion

400 B.C.

Praxiteles v Athene

400 B.C.

Post

400 B.C. - 335 B.C.

Stadsplanning

Spontane, chaotische nederzettingen

900 B.C.

Eerste Griekse steden

600 B.C.

Ionische / Milesische stadsplan

480 B.C.

Systematische stadsplanningen op grote schaal

480 B.C.

Keramiek

Stillistisch/technologische verarming, figuratieve verdwijnt

1150 B.C. - 1050 B.C.

Neck- en belly handled amphora, versiering aangepast aan vaas

1050 B.C.

zwarte acht., nek/lichaam -> decor op panelen tss handvaten

900 B.C. - 850 B.C.

Harmonie vorm/versiering -> rijk decor tot onderaan buik

850 B.C. - 750 B.C.

figuraal in geometrisch kader -> geometrisch kader verdwijnt

750 B.C. - 700 B.C.

Proto-Korinthische fase

720 B.C. - 640 B.C.

Hoogtepunt; zwart-, roodfigurige en met witte achtergrond

720 B.C.

Proto-Attische keramiek: zwart-en-witte stijl

700 B.C. - 610 B.C.

Korinthische keramiek: fig & dierstijl

625 B.C. - 550 B.C.

Arch. Zwartfigurige stijl

610 B.C. - 480 B.C.

Bilinguisten

530 B.C. - 520 B.C.

Arch. Roodfigurige stijl

530 B.C. - 480 B.C.

3/4 voorstelling ipv 2D

530 B.C.

Pioniers

520 B.C. - 500 B.C.

Roodfigurige (en zwartfigurige)

480 B.C.

3/4 voorst. + corrct lineair perspectief

450 B.C.

Attische lekyten met witte achtergrond

400 B.C.

Kerch-stijl (<Post-Klassiek)

350 B.C.

Polychroom op witte achtergrond

335 B.C.

Onbeschilderde reliëfkeramiek

335 B.C.

Zwart- en roodfiguraal vaatwerk verdwijnt

335 B.C.