De geschiedenis van het hindoeïsme

Events

Culturen van India

3000 BC - 1700 BC

Noord India (het huidige Pakistan) heeft een complexe stadscultuur, genoemd naar de plaatsen van de grootste opgravingen: de Mohenjo Daro of Harappa cultuur.

Vedische periode

1700 BC - 1300 BC

Invasies van de Indo Europese Ariërs. Hun taal is ontwikkeld tot Sanskriet. Er vindt een acculturatieproces plaats tussen de Indus cultuur en de Arische groepen van het Indo Europese volk.

brahmanisme

1300 BC - 600 BC

hindoeïsme als een nieuwe cultuur en levensbeschouwing wordt zichtbaar. De Brahmaanse priesters overheersen het hindoeïsme. Zij beheersen de riten, vooral het vedisch offer.

Nieuwe wegen

600 BC - 300 BC

brahmanisme maakt plaats voor andere vormen van religie. De schrijvers van Oepanishads zoeken nieuwe wegen tot verlossing en bevrijding. In deze periode ontstaan uit het hindoeïsme 2 nieuwe religieuze levensbeschouwingen: boeddhisme en het jainisme. Deze wijzen het ritualisme van de Brahaamse tijd van de hand en leggen nadruk op weg naar het eigen innerlijk van de mens. Het boeddhisme is in een korte tijd een grote invloed op India, vooral tijdens bewind van de boeddhistische Maurya keizer Asjoka.

Herleving

300 BC - 300

hindoeïsme treed sterk op de voorgrond. Grote epen Mahabhrata en Ranayana ontstaan. De eerste christenen kwamen naar India door toedoen van Apostel Thomas.

Maurya keizer Asjoka

270 BC - 230 BC

In deze tijd leefde de keizer Maurya keizer Asjoka.

christenen naar India

200 - 250

De eerste christenen kwamen naar India.

Het volgroeide hindoeïsme

300 - 1800

Deze periode wordt gezien als de tijd van het werkelijke volgroeide hindoeïsme. Zo bestaat het in grote lijnen tegenwoordig nog. Kenmerkend aan deze periode is dat men uitdrukkelijker zoekt naar de persoonlijke relatie met God.
Vanaf het jaar 1000 krijgt het hindoeïsme te maken met de komst van de islam en van een aantal islam staten in het noorden van India.
In het noorden van India een grote moslimstad ontstaan met Delhi als hoofdstad (het sultanaat van Delhi).
In 1526 wordt dit rijk deel van het veel grotere moslim rijk van de Mogol dynastie. Onder het bewind van Akbar de grote bereikte deze dynastie haar hoogtepunt. Aan het Mogol rijk in India kwam een eind door de Engelsen. Rond 1500 ontstaat het sikhisme als levensbeschouwing die het hindoeïsme en de islam met elkaar wilde verzoenen.

Ontstaan van Grote moslimstad

1200 - 1526

In het noorden van India is een grote moslimstad ontstaan met Delhi als hoofdstad (het sultanaat van Delhi).

Einde van Mogol rijk

1757

Einde van het Mogol rijk in India door de Engelsen.

Engelsen in India

1757 - 1947

In deze tijd zijn de Engelsen de baas over India.

Het neo-hindoeisme

Approx. 1800 - 2017

Deze periode wordt ook wel het neo-hindoeisme genoemd. Hoewel er in de religieuze leven van elke dag niet veel veranderd, ontstaan onder invloed van westerse invloeden nieuwe inzichten. De langdurige aanwezigheid van de Engelsen in India is niet zonder gevolgen. Indiase denkers als Ramakrishna en Mahatma Gandhi zien de noodzaak in van een bij de tijd brengen van het hindoeïsme. Gandhi was bijzonder succesvol in dat. Hij liet zien dat het aloude hindoeïsme springlevend kan zijn en mensen kan motiveren om te strijden voor eigen onafhankelijkheid. De onafhankelijkheid van India en het ontstaan van de onafhankelijke islamitische natie Pakistan, plaatst voor het hindoeïsme voor nieuwe uitdagingen en nieuwe problemen.

Ramakrishna

1836 - 1886

Ramakrishna leefde in deze tijd.

Mahatma Gandhi

1896 - 1948

Mahatma Gandhi leefde in deze tijd.

India onafhankelijk geworden

1947

India is onafhankelijk geworden.